ALLES OVER AUTOMATISCH SCHAKELEN
Hoewel het simpel klinkt, is het eerste ding dat u moet weten hoe u het voertuig in een versnelling zet. Zorg ervoor dat u de versnellingspook goed kunt vinden in uw voertuig. Bij oudere voertuigen kan het zijn dat de versnellingspook zich op de stuurkolom bevindt, terwijl bij nieuwere voertuigen deze meestal op de middenconsole is bevestigd. Het zou kunnen dat er zich twee versnellingspoken op de vloer bevinden. De tweede pook bedient de tussenbak waarmee u de vierwielaandrijving kunt inschakelen.
Automaten zijn doorgaans eenvoudiger om mee te rijden omdat de transmissie dan het meeste werk voor u doet. Onthoud dat snelheid niet altijd het antwoord is. Laat het voertuig doen waar het voor ontworpen is.
D - Het voertuig zal zelf tussen de verschillende versnellingen schakelen waardoor u op efficiënte wijze hoge snelheden kunt bereiken. Doorgaans gebruikt voor het rijden op de snelweg.
2 - Houdt het voertuig in zijn tweede versnelling en voorkom onverwachts opschakelen of terugschakelen
1 - Houdt het voertuig in de eerste versnelling. Vertraagt de motor en biedt het maximale koppel. Gebruikt bij het rijden in moeilijk terrein met zeer lage snelheden.
UW AUTOMAAT GEBRUIKEN
Het remmen op de motor kan gelimiteerd zijn bij automaten. Zorg bij het versnellen en vertragen van uw voertuig voor voldoende remkracht en geef voldoende gas.
Door terug te schakelen naar D1 of D2 en 4WD Laag (zie vierwielaandrijving systemen, pagina 24) te gebruiken, wordt het voertuig in staat gesteld om heel langzaam over obstakels te rijden met het geven van weinig of geen gas.
Gebruik de hoogst mogelijke versnelling voor het klimmen.
Ga omlaag in de laagste versnellingen.
Door de overdrive-knop te gebruiken kan het voertuig niet de hoogste versnelling gebruiken. Dit is handig bij het rijden op steile hellingen en in moeilijk terrein, evenals bij het trekken van voertuigen op de weg.
VOORDELEN VAN EEN AUTOMATISCHE TRANSMISSIE
Gebruiksvriendelijker
Soepelere vermogensafgifte
Minder inspanning nodig
Makkelijker slepen
Koppeling raakt niet oververhit
Meer geschikt voor 4x4-rijden
NADELEN VAN EEN AUTOMATISCHE TRANSMISSIE
Versnelt bij het afdalen
Voertuig kan niet worden aangeduwd
Kan geen stop-startmanoeuvres uitvoeren
Hogere reparatiekosten
Kan oververhit raken op moeilijk terrein
REMMEN MET LINKERVOET
Jazeker, wanneer je over moeilijk begaanbaar gebied rijdt, moet je daadwerkelijk met je linkervoet remmen. Hierdoor kun je je snelheid met zowel de rem als het gaspedaal lichtjes doseren bij moeilijke obstakels. Tenzij je offroad voertuig voorzien is van kruipassistentie waarmee je rem en gaspedaal bediend worden, moet je linkervoet vaak worden gebruikt.
ALLES OVER MET DE HAND SCHAKELEN
Als u nog nooit met een handgeschakelde versnellingsbak heeft gereden, is het misschien niet handig om daar offroad mee te beginnen. Zorg ervoor dat u de basisprincipes onder de knie heeft voordat u de verharde wegen verlaat. Het beheren van drie pedalen en het kiezen van versnellingen moet automatisch gaan, zodat u zich volledig kunt richten op de steeds veranderende offroad omstandigheden.
VOORDELEN VAN EEN HANDGESCHAKELDE TRANSMISSIE
Gecontroleerde afdaling
Voertuig kan afslaan/aangeduwd/gesleept worden om te starten
Produceert minder warmte
Lagere brandstofconsumptie
Eenvoudiger en goedkoper onderhoud
De bestuurder heeft volledige controle over het voertuig
NADELEN VAN EEN HANDGESCHAKELDE TRANSMISSIE
Koppeling kan oververhit raken
Goede hand-voetcoördinatie vereist
Minder soepel
Mogelijk minder gemakkelijk te gebruiken op uitdagend terrein
Ingewikkelder om off-road te gebruiken met standaard as-overbrengingen
UW HANDGESCHAKELDE VERSNELLINGSBAK GEBRUIKEN
Houd uw voet zoveel mogelijk van de koppeling af. Anders verliest u niet alleen voorwaartse snelheid, maar kan de koppeling verbranden.
Druk de koppeling alleen in wanneer u moet schakelen, houd uw linkervoet normaal gesproken op de vloer.
Houd uw voet niet op het koppelingspedaal, zelfs wanneer u het niet gebruikt. Ruw terrein kan ervoor zorgen dat uw voet op het pedaal klapt en daardoor per ongeluk het pedaal indrukt.
Gebruik de eerste en tweede versnelling bij het rijden in moeilijk terrein.
Schakel nooit bij het bij het rijden over heuvels of obstakels. Voorwaartse snelheid kan toenemen bij het afdalen en afnemen bij het klimmen.
Als uw motor afslaat op een obstakel, en uw voertuig dit mogelijk maakt, draai dan de contactsleutel en start de motor opnieuw zonder de koppeling te gebruiken. De starter zou u moeten helpen over het obstakel te komen.